Voor verwijzers

Kinderen en ouders zijn geen eilanden die losstaan van hun context.

We vinden een nauwe samenwerking tussen alle partners belangrijk. Enkel op deze manier kunnen onderzoek en therapie succesvol zijn.

(Voorschoolse) peuters, kleuters, kinderen en jongeren met ontwikkelingsmoeilijkheden kunnen in CAR De Springplank terecht voor multidisciplinaire diagnostiek en therapie. Een aanvangsonderzoek duurt maximum drie maanden. De wachtlijst en de onderzoeken kunnen verkort worden indien er eerder een onderzoek plaatsvond bij andere diensten of hulpverleners zoals een ander CAR, een Centrum voor Ontwikkelingsstoornissen, een Referentiecentrum Autisme, een Referentiecentrum Cerebrale Parese, een kinder- en jeugdpsychiater,…

Een kwaliteitsvolle, wetenschappelijk onderbouwde, vraaggestuurde, holistische en contextuele werking met het oog op inclusie in de samenleving staat centraal in de werking van CAR De Springplank.

We vertrekken daarbij vanuit de zorgvraag van het kind en de ouders. We wensen hen doorheen gans het proces actief te betrekken en dat in samenwerking met het netwerk van het kind.

We vertrekken niet vanuit een stoornis maar wel vanuit een hulpvraag van de kinderen en hun context. We bekijken hulpvragen vanuit de International Classification of Functioning, Disability and Health (ICF) waarbinnen aandacht is voor de biomedische, psychologische en sociale factoren die het functioneren van een kind bepalen.

Indien u twijfelt of een kind al dan niet in aanmerking komt voor onderzoek of therapie, neem dan gerust contact op met de sociaal werker, de campusverantwoordelijke of de directie (zie ons team). We geven graag bijkomende uitleg rond het algemene beleid of een concrete hulpvraag.

Indien een kind niet in aanmerking komt voor onderzoek of therapie, laten wij dat ook aan u als verwijzer weten.

Onze doelgroepen

Attention Deficit Hyperactive Disorder (ADHD)

Wat is ADHD (Attention Deficit Hyperactivity Disorder)?

De letters ADHD staan voor Attention Deficit Hyperactivity Disorder, aandachtstekort- en hyperactiviteitsstoornis. Het is een neurobiologische ontwikkelingsstoornis. ADHD heeft een biologische basis en omgevingsfactoren beïnvloeden de manier waarop de stoornis zich manifesteert. Het kind met ADHD vertoont de volgende gedragskenmerken: aandachtsproblemen, hyperactiviteit en impulsiviteit. De kenmerken moeten duidelijk voorkomen voor de leeftijd van 12 jaar, gedurende een periode van minstens zes maanden en in meerdere contexten. Deze kenmerken belemmeren het kind sterk in zijn functioneren.
ADHD gaat vaak gepaard met andere problemen in de ontwikkeling zoals gedrags-, leer- en/of slaapproblemen, motorische problemen, een autismespectrumstoornis, een dwang- of ticstoornis,…

 

Hoe komt ADHD tot uiting in het dagelijks leven?

Kinderen met ADHD houden moeilijk hun aandacht vol bij taken die hen niet boeien. Ze zijn vlug afgeleid. Ze reageren vaak op externe of interne prikkels. Ze werken opdrachten onvolledig en slordig af.
Ze zijn onrustig, staan recht wanneer het ongepast is, friemelen aan alles wat in hun buurt ligt. Ze onderbreken een gesprek en luisteren moeilijk.
Ze reageren vaak impulsief: ze geven antwoord voor ze de vraag volledig gehoord of gelezen hebben en voorzien geen gevaar noch gevolgen van hun gedrag. Ze kunnen hun emoties moeilijk reguleren en reageren daardoor heviger.
Deze gedragskenmerken komen vaker voor dan men op een bepaalde leeftijd verwacht.
Dit alles maakt het voor deze kinderen moeilijk om aan de verwachtingen van onze maatschappij te voldoen. Ze willen het goed doen, maar ze slagen er niet in.
We ervaren kinderen met ADHD ook vaak als ontwapenend, enthousiast, eerlijk, creatief, boeiend,…

 

Hoe stimuleren we de ontwikkeling van een kind met ADHD?

We stimuleren de sociale, cognitieve, motorische en perceptuele vaardigheden, en de executieve functies zoals emotieregulatie, inhibitie, werkgeheugen, planning en controle. We zetten in op de ontwikkelingsmogelijkheden van het kind en zijn context. Het opbouwen van een positief zelfbeeld met begrip voor specifieke kwetsbaarheden vinden we daarbij heel belangrijk. Zowel bij het kind als bij zijn context proberen we de kennis over de stoornis te verbreden. Waar nodig bieden we extra opvoedingsondersteuning.
Naast de bovenstaande begeleiding kan medicatie, al dan niet tijdelijk, een zinvolle bijdrage leveren aan de therapieresultaten. Medicatie wordt enkel gegeven onder strikte opvolging door een gespecialiseerde arts en na nauw overleg met alle betrokkenen.

 

Waar kan je terecht voor meer informatie?

Zorgpad ADHD
Zit Stil

Autismespectrumstoornis (ASS)

Wat is ASS?

De autismespectrumstoornis (ASS) is een ontwikkelingsstoornis waarbij de hersenen op een andere manier informatie verwerken. ASS wordt gekenmerkt door kwalitatieve tekorten op twee domeinen: beperkingen in de sociale communicatie en interactie enerzijds en stereotiep, repetitief gedag en specifieke interesses anderzijds. Men spreekt over een spectrum omdat er heel wat verschillen zijn in de manier waarop ASS tot uiting komt.

 

Hoe komt ASS tot uiting in het dagelijks leven?

Kinderen met ASS hebben moeite om op een adequate manier in contact te treden met anderen, bv. met het sluiten van vriendschappen, het voeren van een heen-en-weer-gesprekje, het begrijpen van de bedoelingen van anderen,… Daarnaast is er minder soepelheid in hun denken en doen, wat zich uit in moeite met veranderingen, stereotiepe taal of bewegingen, starre denkpatronen, zeer intense of specifieke interesses,… Tot slot is er vaak een over- of ondergevoeligheid voor bepaalde prikkels.

 

Hoe stimuleren we de ontwikkeling van kinderen met ASS?

We zien dat ASS vaak samengaat met andere ontwikkelingsmoeilijkheden. De therapie richt zich dan ook op al deze facetten. We gaan met het kind aan de slag rond de volgende doelstellingen: leren van sociale, communicatieve, probleemoplossende en perspectiefnemingsvaardigheden, weten wat ASS is, inzicht hebben in het eigen functioneren, ontdekken hoe eigen sterktes in te zetten en opbouwen van een positief zelfbeeld.
Bij jonge kinderen met ASS wordt – naast het stimuleren van de algemene ontwikkeling – extra ingezet op de ‘vroege voorlopers’ van de sociaal-communicatieve vaardigheden zoals gedeelde aandacht, imitatie, spel,… Therapie is zowel individueel als in groep mogelijk.
Naast het werken met de kinderen zelf is het belangrijk om ook oog te hebben voor de omgeving van het kind (ouders, school,…). Dit doen we door hen te informeren, hun verhalen te beluisteren en samen op zoek te gaan naar handvaten om zowel voor de omgeving als voor het kind een context te creëren waarbinnen verder ontwikkelen en aangenaam samenleven mogelijk is.

 

Waar kan je terecht voor meer informatie?

Participate! Autisme
Autisme Centraal
Vlaamse Vereniging Autisme

Complexe ontwikkelingsstoornis

Wat is een complexe ontwikkelingsstoornis?

We spreken van een complexe ontwikkelingsstoornis als kinderen ernstige moeilijkheden ondervinden op twee of meer ontwikkelingsdomeinen. De problemen zijn niet te wijten aan een verstandelijke beperking, een gehoorstoornis, een stoornis van de gezichtsscherpte, een ernstige neurologische afwijking of een anatomische afwijking van de spraakorganen.

 

Hoe komt een complexe ontwikkelingsstoornis tot uiting in het dagelijks leven?

De groep van complexe ontwikkelingsstoornissen is erg divers. Kinderen met leerproblemen ondervinden moeilijkheden met het aanleren van lezen, spelling en/of rekenen. Andere kinderen hebben moeite met het begrijpen en/of (uit)spreken van klanken, woorden en zinnen of met het voeren van gesprekken. Er kunnen zich ook problemen voordoen op het vlak van grove motoriek, fijne motoriek en/of schrijfmotoriek. Daarnaast zijn er kinderen die zich moeilijk kunnen concentreren of moeite hebben met onthouden, plannen en organiseren. Sommige kinderen ervaren emotionele moeilijkheden of vertonen negatief, agressief of uitdagend gedrag.

 

Hoe stimuleren we de ontwikkeling van kinderen met complexe ontwikkelingsstoornissen?

Vooreerst richten we ons op het versterken van bepaalde vaardigheden. We oefenen op schoolse vaardigheden, articulatie, taal, werkhouding, motoriek, het reguleren van gevoelens en gedrag,…
Daarnaast bekijken we ook of kinderen eventueel gebruik kunnen maken van bepaalde hulpmiddelen. Tot slot gaan we in dialoog met ouders, school, … over de verwachtingen en de eventuele aanpassingen die het kind ondersteunen.

 

Waar kan je terecht voor meer informatie?

Sprankel
Netwerk leerproblemen
Dyspraxis
Cetos

Verstandelijke beperking

Wat is een verstandelijke beperking?

Een verstandelijke beperking omschrijft men als een stoornis die op jonge leeftijd tot uiting komt en die beperkingen omvat m.b.t. het intellectuele en het adaptieve functioneren. De adaptieve beperkingen betreffen conceptuele vaardigheden (bv. schoolse vaardigheden), sociale vaardigheden en praktische vaardigheden (bv. persoonlijke zorg, uitvoering van routines en schema’s, of gebruik van de telefoon). Bij kinderen jonger dan vijf jaar spreekt men eerder over een algemene ontwikkelingsvertraging of –achterstand.

 

Hoe komt een verstandelijke beperking tot uiting in het dagelijks leven?

Het kind heeft op verschillende vlakken bepaalde vaardigheden niet verworven die men wel verwacht bij een kind van een bepaalde leeftijd. Het gedraagt zich jonger dan leeftijdsgenoten in sociale interacties. Het sociale inzicht is beperkter. Het kind leert later dan zijn leeftijdsgenoten zijn emoties te beheersen. Het taalgebruik is concreter. Het kind heeft langer ondersteuning nodig bij dagelijkse taken. Het heeft moeite met het leren op school en mogelijk ook met de leer- en werkhouding.

 

Hoe stimuleren we de ontwikkeling van een kind met een verstandelijke beperking?

We stimuleren het kind in zijn algemene ontwikkeling. Deze algemene ontwikkelingsstimulatie vertrekt van het huidige ontwikkelingsniveau van het kind wat betreft taal, (psycho)motoriek, sociale vaardigheden, emotieregulatie en denkontwikkeling. We zetten in op een positieve zelfwaardering van het kind, houden rekening met zijn interesses en nodigen het kind uit tot een boeiende ontdekking van zichzelf en de anderen. We stimuleren gevarieerd via verschillende soorten spel, taakjes aan de tafel, beweging en gesprekjes. Dit kan zowel individueel als in een kleine groep.
We geven informatie aan de ouders, de school en andere belangrijke betrokkenen over het ontwikkelingsverloop van het kind en stemmen ons aanbod af op hun hulpvraag.

 

Waar kan je terecht voor meer informatie?

VAPH – verstandelijke handicap

Gedragsstoornissen

Wat is een gedragsstoornis?

Onder een gedragsstoornis verstaat men een gedragspatroon waarbij een kind regelmatig de rechten van anderen schendt en/of beduidende conflicten met algemeen geldende normen of autoriteiten heeft. Het kind gedraagt zich vaak dwars, opstandig, antisociaal en/of agressief en verkeert regelmatig in een boze en prikkelbare stemming.

 

Hoe komt een gedragsstoornis tot uiting in het dagelijks leven?

Kinderen met een gedragsstoornis verzetten zich regelmatig tegen volwassenen, ruziën met hen, zijn snel geërgerd en/of hebben vaak driftbuien. Hun gedrag wordt meermaals gekenmerkt door vechten, stelen, liegen, spijbelen, vernielen, uitschelden, kwetsen, vernederen, bedreigen en/of pesten.

 

Hoe stimuleren we de ontwikkeling van een kind met een gedragsstoornis?

We leren de kinderen gepast sociaal gedrag en omgaan met boosheid. We stimuleren de hen omringende volwassenen tot waakzame zorg.
We zetten in op een positieve zelfwaardering van de kinderen, houden rekening met hun interesses en nodigen hen uit tot een boeiende ontdekking van zichzelf en de anderen. We stimuleren gevarieerd via verschillende soorten spel, taakjes aan de tafel, beweging en gesprekjes. Dit kan zowel individueel als in een kleine groep.
We geven informatie aan de ouders, de school en andere belangrijke betrokkenen over het ontwikkelingsverloop van het kind en stemmen ons aanbod af op hun hulpvraag.
Indien nodig kan een tijdelijk gebruik van medicatie overwogen worden.

 

Waar kan je terecht voor meer informatie?

Gedragsstoornissen bij kinderen en adolescenten

Vroegbegeleiding

Kinderen ontwikkelen snel tijdens de eerste levensjaren. De vroege kindertijd is een zeer gevoelige periode om de ontwikkeling te stimuleren. Binnen het aanmeldingsteam bekijken we hoe we tegemoet kunnen komen aan de hulpvraag waarmee peuters en kleuters aangemeld worden. Bij onze jonge kinderen zien we moeilijkheden op verschillende domeinen, m.n. cognitie, taal, spraak, motoriek, gedrag en/of emoties. Door de multidisciplinaire aanpak kan op elk van deze gebieden gewerkt worden. We doen dit in nauw overleg met het gezin, de voorschoolse kinderopvang en de school. We vinden het erg belangrijk om de ouders te betrekken, zij oefenen immers gedurende de vroege kindertijd de meest nabije en sterkste invloed uit op hun kinderen.

De therapie kan zowel individueel als in groep plaatsvinden.

Niet aangeboren hersenletsel (NAH)

Wat is NAH?

Een niet-aangeboren hersenletsel (NAH) is een beschadiging aan de hersenen die niet vanaf de geboorte aanwezig is.
De meest voorkomende oorzaken van een NAH zijn:

  • Trauma: verkeersongeluk, val…
  • Beroerte of CVA (herseninfarct of hersenbloeding)
  • Zuurstoftekort
  • Tumor
  • Infectie, ontsteking van de bloedvaten,…

 

Hoe komt NAH tot uiting in het dagelijks leven?

De gevolgen van een NAH kunnen meervoudig en complex zijn. Zo kunnen er problemen ontstaan met bewegen, communicatie, aandacht, geheugen, leren,… Ook de persoonlijkheid en het gedrag kunnen veranderen, bijvoorbeeld na een NAH moeite hebben met het beheersen van emoties.

 

Hoe stimuleren we de ontwikkeling van een kind met NAH?

We trachten de kinderen zo goed mogelijk op maat te behandelen. Via gesprekken met de ouders en het kind gaan we na wat hun grootste hulpvragen zijn.
De revalidatie is gericht op het verbeteren van de motorische en andere functionele vaardigheden van het kind, met als doel de zelfredzaamheid in verschillende activiteiten te vergroten en de participatie in de verschillende leefsituaties te verhogen. Daarnaast bieden we ondersteuning aan de ouders en de omgeving.
We werken ook nauw samen met externe partners, zoals huisarts, kinderarts, school, CLB en CLB-arts, dienst GGZ, universitaire ziekenhuizen, referentiecentra, COS,….

 

Waar kan je terecht voor meer informatie?

NAH Liga

Cerbrale Parese (CP)

Wat is CP?

Cerebrale parese (CP) wordt veroorzaakt door een letsel dat optreedt tijdens de ontwikkeling van de hersenen. Dit letsel kan ontstaan zijn voor, tijdens of na de geboorte (in de eerste 2 levensjaren).
Deze beschadiging is blijvend en de problemen kunnen meer en meer op de voorgrond treden gedurende de ontwikkeling.

 

Hoe komt CP tot uiting in het dagelijks leven?

De symptomen van een CP hoeven nog niet vanaf de geboorte zichtbaar te zijn. Meestal wordt in de eerste twee levensjaren duidelijk dat kinderen een CP hebben. Bij kinderen met een heel lichte vorm van CP wordt de diagnose pas op een latere leeftijd gesteld.
De symptomen kunnen sterk uiteenlopen. De motorische problemen bij CP gaan vaak samen met stoornissen van de cognitie, de communicatie, de perceptie, en/of het gedrag.

 

Hoe stimuleren we de ontwikkeling van een kind met CP?

We trachten de kinderen zo goed mogelijk op maat te behandelen. Via gesprekken met de ouders en het kind gaan we na wat hun grootste hulpvragen zijn.
De revalidatie is gericht op het verbeteren van de motorische en andere functionele vaardigheden van het kind, met als doel de zelfredzaamheid in verschillende activiteiten te vergroten en de participatie in de verschillende leefsituaties te verhogen. Daarnaast bieden we ondersteuning aan de ouders en de omgeving.
We werken ook nauw samen met externe partners, zoals huisarts, kinderarts, school, CLB en CLB-arts, dienst GGZ, universitaire ziekenhuizen, CP-referentiecentra, COS,….

 

Waar kan je terecht voor meer informatie?

Kinderneurologie

Vermoedensdiagnoses

Jonge kinderen kunnen ernstige problemen vertonen in meerdere aspecten van hun ontwikkeling, m.n. cognitie, taal, spraak, motoriek, gedrag en/of emoties. Wegens gebrek aan bruikbare, gevalideerde testen of wanneer de kenmerken die kunnen duiden op een onderliggende stoornis nog niet voldoende duidelijk zijn, kunnen jonge kinderen toch in aanmerking komen voor multidisciplinaire therapie in een CAR onder de categorie ‘vermoedensdiagnose’. We krijgen dan zes maanden de tijd om de ontwikkelingsproblemen verder in kaart te brengen, waarna een langere revalidatieperiode eventueel kan aangevat worden.

Iemand verwijzen

Hoewel het CAR een tweedelijnsdienst is, proberen we zo toegankelijk mogelijk te zijn, zowel voor ouders als voor verwijzers. De aanmelding van kinderen gebeurt bij voorkeur door de ouders. Dit kan door in het centrum langs te komen, te telefoneren of te mailen. De verwijzer kan ook samen met de ouders aanmelden.

Neem daarvoor contact op met onze sociaal werker of stuur een mail (zie contactpagina).

Wij ontvangen van u graag een samenvatting van testen, vragenlijsten, observaties en gesprekken. Die helpt ons bij het goed afstemmen van onderzoek en behandeling op de hulpvragen van het kind en zijn context.

Infobrochure voor ouders

Onze informatiebrochure maakt ouders wegwijs in de werking van het centrum.

Wil u graag een gedrukt exemplaar? Geen probleem. Stuur ons een e-mail en dan maken we dat in orde.

Administratie

Vooraleer een kind in het CAR kan worden onderzocht, moet er aan de volgende administratieve verplichtingen worden voldaan:

 

  • Verwijsbrief van een arts (huisarts, CLB-arts of geneesheer-specialist) waaruit blijkt dat een multidisciplinair onderzoek nodig is. Deze verwijsbrief is een absolute vereiste om een onderzoek (=bilan) te kunnen aanvragen bij het Vlaams Agentschap Zorg en Gezondheid.
  • Klevertjes van de zorgkas. In uitzonderlijke gevallen komt het OCMW in de kosten tussen wanneer de verzekerbaarheid door de zorgkas niet in orde is. Vraag hierover raad bij de sociale dienst van het OCMW.